Kozijnenproducent blijft doelbewust zelf coaten

Jaap van Peperstraten

Er zijn niet veel bedrijven in de bouw die zelf kozijnen produceren en daar de engineering voor doen, het materiaal zelf coaten en de kozijnen met eigen mensen ter plekke monteren. Maar in Alphen aan den Rijn zit een bedrijf die dit wel allemaal doet en nog Qualicoat gecertificeerd is ook: Lieftink Geveltechniek. Waarom doen ze dat allemaal en hoe? Tijd voor een bezoek.

De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het bedrijf vanaf het ontstaan in de jaren 60 van de vorige eeuw niet op deze manier werkte. Van het maken van speelgoed, stapte het bedrijf over naar het produceren van staalconstructies, naar het verwerken van aluminium profielen, het zelf maken van ramen en naar steeds meer uitbreiding en modernisering waarbij de conservering altijd werd uitbesteed. Dit veranderde in 2007 toen “huisconservator” Ten Berg, die een paar straten verderop was gevestigd, stopte. Toen heeft men eerst nog wel de conservering uitbesteed aan één of twee andere poedercoaters, maar daar kleefden allerlei bezwaren aan, onder meer op het gebied van transport en verpakken. In 2009 opende Lieftink Geveltechniek een eigen coatingfaciliteit voor alle aluminium profielen en alle aluminium producten die op en aan ramen
en kozijnen worden bevestigd. En daar heeft men sindsdien nog geen dag spijt van gehad.

Dirk Lieftink (één van de directeuren) legt uit dat het in hun branche best bijzonder is wat zij allemaal zelf doen. “Verreweg de meeste concullega’s doen dat niet, wij wel. Een belangrijke reden is dat wij als aluminiumbouwer ook aan particulieren leveren en dan zit je met veel klein werk en met een logistieke opgave. Je zit immers met veel kleine producten en hoeveelheden waarop veel verschillende kleuren moeten worden aangebracht. Hierdoor moet je snel kunnen schakelen en snel van kleur kunnen wisselen. Looncoaters zijn gewend kilometers hetzelfde werk te doen en worden niet echt blij als ze een bok van ons ontvangen met producten die in zes kleuren gecoat moeten worden. Ze doen liever zes bokken producten in één kleur. Daarnaast is het erg belangrijk dat de spuiters heel precies weten waar ze hun poederpistool niet te veel op moeten zetten, omdat daar een kliklijstje komt en bij te veel poeder past dat lijstje niet goed, of de deur schuift niet lekker of het glas past niet meer goed. Bij een looncoater is die specifieke kennis niet altijd aanwezig en hangen onze profielen tussen die van anderen en kun je die precisie niet verwachten. Het risico dat je dan bij het in elkaar zetten van de kozijnen op problemen stuit, is dan zeker aanwezig.”

Dirk Lieftink
Dirk Lieftink

BEDRIJFSFILOSOFIE
Aan een kozijn worden ook allerlei onderdelen verbonden die onderling in dezelfde kleur gespoten moeten zijn, maar ook in de kleur van het kozijn. Denk aan ventilatieroosters, plaatwerk en deurautomaten. Als je gecoate profielen zou inkopen, dan moet je al die toevoegingen weer ergens anders laten coaten, en dan krijg je geheid kleur- en kwaliteitsverschil. Door alles zelf te doen, kun je dit voorkomen. Alleen bij grotere projecten en in geval van pre-anodisatie, wordt er coatwerk uitbesteed: het pre-anodiseren. Dan worden bij het inkopen meteen de poeders in kleur meebesteld waarmee de profielen en alle onderdelen die er later aan toegevoegd worden, worden gecoat. Gevolg: geen kleurverschil. Een reden voor pre-anodiseren kan zijn dat de kozijnen in een agressievere omgeving qua klimaat komen of omdat er tien jaar garantie wordt geëist. Zonder pre-anodiseren geeft Lieftink standaard vijf jaar garantie. Door (bijna) alles zelf te doen, heb je de kwaliteit tijdens de hele rit in eigen hand en dat past helemaal in de bedrijfsfilosofie.

“Kwaliteit is voor ons erg belangrijk en staat hoger dan kwantiteit. Om te beginnen, leveren wij uitsluitend kozijnen waarvan de profielen worden geleverd door het topmerk Schüco. Dat is een Duitse organisatie waar alles honderd procent duurzaam moet zijn: goed voor het milieu, goed voor de mens en voor de medewerkers. Dat past helemaal in onze bedrijfsfilosofie; wij willen ook goed zijn voor het milieu, voor onze medewerkers en voor de klanten. We hebben ook niet echt de doelstelling om te groeien. Groei mag wel, maar dan door efficiencyverbetering: het nog beter doen dan voorheen, bijvoorbeeld via automatisering, misschien zelfs robotisering. We willen vooral een leuke club mensen zijn die met elkaar een mooi en goed product maken. Daarvoor heb je dus wel vakmensen nodig. Die worden weliswaar steeds schaarser, maar doordat wij geen grote motivatie hebben om hard te groeien, verwelkomen we mensen die zichzelf melden om hier te komen werken. Als ze hier passen en gemotiveerd zijn, hebben we een plekje. Zodoende hebben we nu een leuk club mensen bij elkaar.”

Op de werkvloer bij Lieftink
Op de werkvloer bij Lieftink

CHROOMVRIJE VOORBEHANDELING
In het bedrijf wordt hoofdzakelijk met aluminium gewerkt. Er worden op verzoek wel stalen of kunststof geveldelen geleverd en gemonteerd als onderdeel van het geheel, maar deze kozijnen worden ingekocht. Staal bewerken geeft te veel gedoe in een bedrijf waar bijna uitsluitend met aluminium wordt gewerkt. De profielen die binnenkomen, ondergaan eerst een chemische voorbehandeling die bestaat uit zeven baden. Eerst ontvetten, daarna spoelen, dan beitsen, dan twee keer spoelen gevolgd door demispoelen. Tot slot wordt, als conversielaag voor het aluminium, zirkoniseren toegepast. Na deze chroomvrije voorbehandeling gaan de profielen de droogoven in. Als ze helemaal droog zijn, worden ze opgehangen en gaan ze naar de poedercoatcabine en vervolgens naar de moffeloven bij een temperatuur van ongeveer 190 graden.

Dirk Lieftink: “Het is niet een heel geavanceerde installatie, maar wel een complete installatie waar ruimte is voor handwerk voor de behandeling van de speciale plekken. Ook kunnen we hierin heel snel van kleur wisselen. Op verzoek van de klant kunnen we ook in twee lagen coaten, waardoor je op een totale laagdikte van minimaal 90 micrometer uitkomt. Kunnen we volstaan met één laag, dan wordt de dikte minimaal 60 micrometer. Behalve op de speciale plekken zullen we eerder dikker dan dunner coaten.”

Een bok met aluminium profielen
Een bok met aluminium profielen

RISICO OP FOUTEN
Ter illustratie pakt hij een dwarsdoorsnede van een behandeld profiel in de vorm zoals het in een kozijn zit. “Hier moet een rubbertje dat strak moet blijven zitten als je het er ingedrukt hebt. Als je op deze plekken te veel poeder zet, zit het rubbertje niet meer vast en valt het eruit op de bouwplaats. Je moet niet gek opkijken als dat gebeurt. Dat levert allerlei narigheid op, zoals slechte afsluitingen en glas dat niet goed zit. De rand waar dit rubbertje komt, moet wel geconserveerd worden volgens de norm, maar het komt niet in het zonlicht en er komt ook niet direct regenwater bij. Het wordt als het ware van de buitenlucht afgesloten. Zo heb je in een profiel meerdere plekken waar je niet te veel coating op moet zetten om problemen te voorkomen. In totaal werken op onze coatingafdeling vijf medewerkers. Dat lijkt niet veel, maar bedenk dat we dus geen arbeid kwijt zijn aan het uitladen, uitpakken en op kleur sorteren van materiaal en het na afloop weer verpakken en laden hiervan in een vrachtwagen. Bij het uitbesteden van coatwerk heb je hiervoor twee man nodig. In plaats daarvan staan deze nu te coaten of bij de machine waar twee profielen op elkaar worden bevestigd op het vlak van de isolator.”

Tijden veranderen snel, dus is het zelf blijven coaten nog wel verstandig? Onlangs kwam men in contact met een student accountancy die zocht naar een praktisch en interessant afstudeerproject. Omdat binnen Lieftink Geveltechniek de afgelopen twaalf jaar wel wat is veranderd, kreeg het afstudeerproject als basisvraag of het zelf coaten nog steeds rendabel is, vergeleken met uitbesteden. Daar bleek uit dat het zelf blijven coaten over het geheel voordeliger is, ook gelet op de problemen die ontstaan als een looncoater iets fout heeft gedaan.

image 34

BRANDWERENDE PUIEN
Tot slot staat hij stil bij de brandwerende puien van aluminium of staal die zij leveren. Hoe wordt die brandwerendheid bereikt? Niet met coatings, zo blijkt. Lieftink pakt opnieuw een dwarsdoorsnede van een profiel met een brandwerende of beter gezegd brandvertragende werking. Probleem bij aluminium profielen bij brand is dat ze gaan smelten waardoor het kozijn zijn stevigheid verliest waardoor de brand zijn weg makkelijker vindt. Het brandwerend systeem bevat voornamelijk strippen van enkel millimeters dik die uit een betonachtige brandwerende substantie bestaan en in het profiel worden geschoven. Bij brand gaat deze betonachtige substantie sterk opschuimen met als gevolg dat het brandwerend glas en het profiel aan elkaar blijven kleven gedurende dertig of zestig minuten. Verder worden de binnen- en buitenschalen met rvs-plaatjes verbonden om het delamineren tijdens brand tegen te gaan.

“Alles bij elkaar zien wij de toekomst zonnig in. Er moeten nog veel woningen gebouwd worden en een woon- of werkruimte zonder glas kan echt niet. Wij denken dat de eisen aan de kozijnen steeds hoger zullen worden: gebruiksvriendelijker, veiliger, geschikt voor cradle to cradle en aansluiting op domotica. Wij zullen altijd aan deze eisen voldoen.”

Meer informatie:
www.lieftink.nl
www.schueco.com/nl

Reacties